De kenmerken van de crossmediale conceptvormen

In deze blogpost ga ik aan de hand van voorbeelden drie verschillende conceptvormen beschrijven van crossmedia waar we al het een en ander over gehoord hebben. Deze drie concepten zijn multimediaal, crossmediaal en transmediaal. Vaak is het zo dat een concept, een mix is van deze drie vormen waarvan één conceptvorm de boventoon heeft. Elk concept heeft zijn eigen kenmerk. Zo is bij een multimediaal concept de informatie op de verschillende mediakanalen gelijk, terwijl dat bij een crossmediaal concept het ene kanaal het andere versterkt. Bij deze vorm hebben alle kanalen elkaar nodig voor het totaalbeeld. Dan blijft er nog een conceptvorm over, transmediaal. Bij deze conceptvorm staan de verschillende kanalen los van elkaar, wat inhoudt dat het ene kanaal het andere niet nodig heeft om te kunnen functioneren. Om deze drie conceptvormen duidelijker te maken ga ik ze beschrijven aan de hand van voorbeelden.

Natuurlijk kennen we allemaal de website of de applicatie 9292ov waar we reisinformatie kunnen vinden van het Openbaar Vervoer. Dit is een voorbeeld waar het multimediale concept de boventoon heeft. Op beide kanalen is dezelfde informatie te vinden en gaat het bij beide kanalen om het zoeken naar reisinformatie. Dus 9292ov maakt gebruik van verschillende mediakanalen (website en de applicatie) waar de inhoud gelijk blijft. Er is hier dus sprake van multimediale conceptvorm, een concept waar de informatie op de verschillende mediakanalen gelijk blijft.

Een voorbeeld van een crossmediaal concept is 3FM, een radiozender van de NPO. 3FM bestaat uit een aantal onderdelen wat de zender dynamisch maakt. Zo kunnen de luisteraars op de website live meekijken, meepraten, twitteren, op polls stemmen (welke nummers gedraaid moeten worden), aan dingen mee doen en zijn er dingen te winnen. Al deze onderdelen worden op de radio besproken. Er worden tweets voorgelezen en op gereageerd, winnaars worden bekend gemaakt en er wordt verteld hoe je met dingen mee kan doen of hoe je dingen kunt winnen. Verder wordt de uitslag van de poll bekend gemaakt en wordt de playlist erop aangepast. Door de input van de luisteraar is er een boeiend dagprogramma. Natuurlijk blijft de basis staan, maar zonder al deze verschillende kanalen en input van de luisteraar zou de zender een stuk minder aantrekkelijk zijn. Als we het andersom bekijken en alleen bedenken dat de website bestaat, wordt het opeens ook een stuk minder aantrekkelijk. De polls en het live meekijken, meepraten en twitteren worden overbodig. Zo zie je dat de verschillende media van elkaar afhankelijk zijn, elkaar ondersteunen en elkaar nodig hebben voor het totaal beeld, een crossmediaal concept.

Het laatste voorbeeld beschrijft het transmediaal concept. Veel mensen kennen het boek of de verfilming The Lord of The Rings, maar weten niet dat hier ook een game of een kaartspelletje van is. Dat brengt ons gelijk bij het kenmerk van dit concept. Het ene kanaal is niet nodig om het andere kanaal te kunnen laten functioneren. De film werkt prima zonder dat je eerst de game hebt gespeeld. Het kaartspelletje is makkelijk te spelen zonder dat je het boek gelezen hebt. Al deze kanalen staan los van elkaar, ze hebben elkaar niet nodig om te kunnen functioneren.

Zo zie je dat elke conceptvorm zijn eigen kenmerk heeft wat de communicatie sterkt maakt.

Welke conceptvorm zou jij inzetten om de communicatie sterk te maken?

— Sasja C.L. Voogd —

This entry was posted in Uncategorized. Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s